Menu Sluiten

Brief 1 van Tess aan Adil

Beeld: Mamita van Leeuwaarde

Beste Adil,
In de Bijlmer, waar jij nu dus woont, ben ik drieëntwintig jaar geleden geboren. Mijn vader, die een paar jaar geleden overleed, was half Indisch. Zijn vader was Indisch en is in Indonesië opgegroeid net als mijn Nederlandse oma. Mijn opa en oma leerden elkaar daar kennen. Ze waren buren van elkaar. Tijdens de tweede wereldoorlog is mijn opa in het Jappenkamp terecht gekomen wat hem, naar mijn mening,voor altijd heeft veranderd.
Mijn vader is in Indonesië geboren als oudste kind uit een gezin van vijf. Zijn vader was hoogleraar en zijn moeder docente Engels en Frans. Toen mijn vader een kleuter was, kwam hij met zijn ouders en nog twee jongere kinderen naar Europa. Na een jaar of vier vertrokken ze naar de Antillen waar ze een paar jaar hebben gewoond en gewerkt. Daarna hebben ze zich definitief in Nederland gevestigd.
Tot zijn zestiende, tot mijn vader de hbs had afgerond ,woonde hij in de Randstad met zijn ouders. Daarna vertrok hij naar een universiteit het oosten van het land voor de studie scheikunde.
Mijn vader heeft een stenge opvoeding gehad. Hij, zijn zussen en broer zijn voorbeelden van de tweede generatie oorlogslachtoffers
Mijn moeder, kind van Nederlandse ouders, is geboren en getogen in het Gooi. Mijn opa was amanuensis op een middelbare school en mijn oma was voor haar huwelijk kamenierster van een Duitser van adellijke afkomst. Hier was ze trots op en ze kon er leuke verhalen over vertellen. Na haar huwelijk werd mijn oma huisvrouw. Mijn moeder is een nakomer. Haar zus, die inmiddels overleden is, was negen jaar ouder. Haar broer is zeven jaar ouder. Mijn moeder in na haar havo naar Amsterdam verhuisd en heeft er een hbo – opleiding gevolgd.

Mijn ouders ontmoetten elkaar toen mijn moeder negentien was en mijn vader eenentwintig. Vijf jaar later trouwden ze en vertrokken naar de tropen om er drie jaar te werken. Van die periode hebben ze veel vrienden overgehouden.
Eenmaal terug gingen ze in de Bijlmer wonen, in een van de grote flats. Daar werd ik in 1986 geboren.Toen ik drie was, vonden mijn ouders de Bijlmer gevaarlijk worden. Vrienden uit de buurt vertrokken, omdat ze de buurt minder leuk vonden en er was een keer ingebroken. Wij verhuisden naar kleine gemeente bij Amsterdam, naar een eengezinswoning. Daar werd mijn broertje Kesler geboren.
De gemeente waar mijn ouders naartoe verhuisden, is echt een dorp. Tot mijn twaalfde had ik het er erg naar mijn zin. Alles wat een kind leuk vindt, was er: een basisschool, voetbalvereniging, ballet – en muziekschool.

Ik ben Nederlands opgevoed. Wel zijn mijn ouders altijd heel open geweest naar andere culturen en ze wilden dat we naar gemengde scholen gingen. Op mijn twaalfde ging ik naar een middelbare school in Amsterdam, waar ik in een  vwo  – brugklas terechtkwam. Ik had van de basisschool een mavo/ havo – advies gekregen maar mijn Cito – toets viel hoger uit. Mijn ouders vonden een opleiding belangrijk  voor mijn verdere levensloop en zagen me daarom liever naar het havo/ vwo gaan. Mijn advies werd toen bijgesteld naar de uitslag van mijn Cito – toets.
Het vwo heb ik in zeven jaar gedaan. Een keertje bleef ik zitten en wel in de derde klas. Dit was in het jaar dat mijn vader, na een ziekbed van precies een jaar, overleed aan kanker.

Mijn vader speelde een grote rol in ons gezin. Hij was docent aan een hbo – opleiding. Hij combineerde zijn werk met zorg voor het gezin. Voor hem was dit een bewuste keuze. Drie middagen in de week haalde hij mijn broer en mij van school. Zijn ziekte en overlijden hadden een grote invloed op ons gezin. Mijn moeder was gesloopt na de lange verzorging van mijn vader. Mijn broertje was nog maar elf jaar oud, toen mijn vader stierf. Ik was veertien. Er waren vaak ruzies. Ik wou doorgaan met leven zonder verdriet, er met volle teugen van genieten, aangezien ik niet wist hoe lang dat kon duren. Ik was het leven toen net aan het ontdekken en overal elders was het leuker dan thuis. Mijn moeder was gebroken en had tijd nodig voor heling en verdriet. We verwerkten het verdriet om de dood van mijn vader verschillend. Dit zorgde voor botsingen tussen haar en mij. Bij mij kwam het rouwen pas later.

We zijn er met z’n drieën uiteindelijk heel goed uitgekomen. Mijn moeder is een ongelooflijk sterke vrouw. Nu ik iets ouder ben, besef ik dit meer en meer. Zij is mijn trots. Naast mijn vader heeft mijn moeder in korte tijd ook haar eigen moeder, peettante en zus verloren, maar nooit is ze depressief geraakt. Zij staat nog steeds  haar mannetje. De band tussen mijn moeder, mijn broertje en mij is hierdoor heel sterk  geworden. Zij zijn in mijn leven het belangrijkst.

Na het vwo begon ik op mijn negentiende aan de studie communicatiewetenschappen in Amsterdam. Ik ging er op kamers in een huis met 2 andere studenten. Het vrije leven begon voor mij! Ik werd lid van een studentenvereniging die gericht is op sport en gezelligheid.
De studie communicatiewetenschappen was het niet voor mij en ik stopte er mee. De rest van dat jaar werkte ik veel in de horeca.  Het jaar daarop begon ik met de studie economie en bedrijfskunde. Na eerst een jaar niks doen en daarna heel veel studeren, haalde ik het eerste jaar net niet. Ik kreeg een negatief studie- bindend advies. Dat houdt in dat je moet stoppen met de studie.
Toen werd het een zomer waarin ik  mijn ‘studiezonden’ moest overdenken. Ik mocht het van mijn moeder nog één keer proberen.  Dat vond ik best moeilijk door de vele mogelijkheden op het gebied van studiekeuze.
Nu doe ik sinds twee jaar de studie bestuur- en organisatiewetenschappen. Deze studierichting klinkt misschien saai maar ik vind het zeer interessant. Het is een sociale wetenschap en je bestudeert groepsprocessen. Wat ik uiteindelijk professioneel wil weet ik nog niet. Maar geleidelijk aan ontdek ik wat mij het meest trekt.

Waar ik me dagelijks mee bezig houd, is mijn part-time baantje in een pittoresk tapasrestaurantje in Amsterdam, mijn studie en vrienden en vriendinnen. Verder sport ik af en toe, bezoek festivals en doe leuke dingen. Ik ben net terug van een reis uit Thailand, Maleisie en Singapore met vijf vriendinnen. Het was in één woord fantastisch.  Deze vriendinnen ken ik nog van mijn middelbare school en het zijn echt mijn maatjes. Met z’n zessen op pad werkte goed.
Ik zit nu met een exchange program in Canada waar ik een ‘minor’ psychologie volg.

Dit was mijn ‘life story’, die toch wel verschillend is van die van jou. Heb jij zeven broers en zussen? Dat kan ik me niet eens voorstellen. Ik vind het grappig dat je Berber bent. Deze winter ben ik op vakantie in Marrokko geweest en er waren heel veel mensen die vol trots vertelden dat zij Berber waren. Maar dat hoorde ik zo vaak en in zoveel verschillende delen van Marokko dat ik niet meer begrijp waar het Berbergebied ligt. Wil je dat uitleggen?
Wat is Marokko een fantastisch mooi land. Ik vind het zelf een beetje stom maar ik ken veel Marokkanen van mijn middelbare school en houd altijd vol dat ik niet bevooroordeeld ben. Maar door mijn vakantie naar Marrokko heb ik een veel positiever beeld over Marokkanen. Ik ben heel veel lieve mensen tegengekomen. Ik  ben benieuwd of je moslim bent en wat jij hier aan doet. Het klinkt misschien een beetje raar als vraag: maar doe je aan de ramadan, bid je dagelijks en ga je naar de moskee? Gaat dit ook samen met je beroep? Heeft je seksuele voorkeur iets te maken met het lesgeven aan homo’s?
Ik vind het heel mooi dat Simon, Jan en Maaike zoveel voor jou hebben betekend maar ik ben ook benieuwd hoe de band met je ouders nu is en wat voor mensen het zijn. Wat heb je van hen meegekregen? Zijn zij definitief uit elkaar? Sinds wanneer? Is je vader nog steeds verslaafd? En hoe is je band met hem? Ook ben ik benieuwd naar je zus Mouna. In je brief schreef je dat zij de Marokkaanse kant van jou vertegenwoordigde. Wat bedoel je daar mee? Hoe is de band tussen de kinderen bij jullie? Ik vraag me dit af omdat een deel in Marokko is opgevoed door jullie grootouders. Ook ben ik benieuwd welke invloed het omgaan van jou met Simon en Maaike heeft gehad voor je band met de rest van het gezin. Wil je daar iets over vertellen?
En als laatste vraag: heb je een partner en zo ja, zou je iets over deze persoon willen vertellen?

Groetjes,

Tess, Amsterdam, september 2009

Beeld: Mamita van Leeuwaarde

Geplaatst inSeksualisering