Menu Sluiten

Vrouw en uitvaartondernemer

Leny Oostwoud maakte midden jaren negentig de keuze om een uitvaartonderneming te beginnen in Amsterdam Zuidoost. Oostwoud heeft veel klanten uit de allochtone groep en dan vooral Surinamers. Van invloed hierop zijn de diensten die ze aanbiedt zoals de repatriëring van de overledene naar het land van herkomst en het uitvoeren van Surinaamse rituelen bij een begrafenis.

Hoe kwam u ertoe uitvaartondernemer te worden, een beroep dat nog veelal gezien wordt als een mannenberoep?

In 1977 kwam ik naar Nederland om te studeren. Het was de bedoeling dat ik terug zou keren naar Suriname nadat ik mijn studie zou hebben voltooid. Dat liep anders. Na diverse functies vervuld te hebben in loondienst,wilde ik erg graag een eigen bedrijf starten. Dat ik tenslotte gekozen heb voor een uitvaartonderneming had diverse redenen. Doordat ik in eigen familiekring met de dood werd geconfronteerd en ik de vraagbaak was voor de familie, heb ik besloten mij serieus te gaan verdiepen in de uitvaartwereld. Wat mij hierin aansprak was het veelzijdige karakter van het vak. Hierin kan ik mijn theoretische kennis en praktijkervaring integreren: het contact met mensen, het organiseren, het voorlichten en begeleiden. Dat zijn de drijfveren waar ik het in mijn werk van moet hebben. Een andere reden was voor mij dat ik bij het overlijden van mijn zwager en pleegzus iets miste in de begeleiding. Technisch en logistiek zat alles goed in elkaar, maar wat ik zocht aan sfeer en warmte was er niet. Dat had vooral te maken met mijn culturele achtergrond. De traditionele manier van verzorgen, de ruimte om te kunnen zingen. Dat kon slechts in beperkte mate en ik realiseerde mij dat ik waarschijnlijk niet de enige was die dat miste.
Ik heb me bij de keuze voor het beroep van uitvaartondernemer ook wel de vraag gesteld of ik het wel aan zou kunnen 24-uur per dag beschikbaar te zijn voor nabestaanden. Het antwoord op deze vraag moest ik mezelf schuldig blijven aangezien je pas in de praktijk kan ervaren hoeveel dit beroep van je vraagt. Vanwege de veelzijdigheid van het vak besloot ik er echter voor te gaan nam ik de minder leuke kanten voor lief. Tot de dag van vandaag heb ik er geen spijt van.

In hoeverre geeft u zich rekenschap van de tradities in dit vak zoals die door mannen zijn ontwikkeld?

Ik houd er in zoverre rekening mee wanneer het de kwaliteit van het werk ten goede komt. In de praktijk probeer je een goede match te maken tussen wat de nabestaanden willen, het respecteren van de wens(en) van de overledene en wat je in de branche te bieden hebt. Uiteraard rekeninghoudend met de regels die de wet ons voorschrijft.

Hoe liggen de percentages mannelijke en vrouwelijke medewerkers in uw bedrijf?

Hierover kan ik kort zijn. Ik heb een eenmansbedrijf en op piekmomenten schakel ik hulp in van collega’s.

Heeft u het gevoel dat u zaken anders aanpakt dan mannelijke uitvaartondernemers en zo ja, om welke gebieden gaat het dan?

Het uitvaartvak is een verzorgend vak en ik merk dat vrouwen meer aandacht hebben voor details. Denk hierbij aan het verzorgen van het haar, het aanbrengen van make-up en het verzorgen van de kleding voor de overledene. Mijn ervaring is dat de mannen daar het geduld niet voor hebben.

Vrouwen, zo wordt beweerd, kunnen minder goed afstand houden tot het verdriet van anderen. Merkt u dat ook bij uzelf? En zo ja, hoe gaat u daarmee om?

Neen, die ervaring heb ik zelf niet. Het komt wel eens voor dat een bepaalde situatie je bij blijft, maar niet dat het je dusdanig raakt dat je er zelf onder door gaat. Om je zelf te beschermen moet je een gepaste afstand bewaren, anders kun je het vak niet lang volhouden. Daarnaast is het ook gebruikelijk dat uitvaartondernemers onderling ervaringen uitwisselen en elkaar waar nodig tips geven hoe met moeilijke situaties om te gaan.

Welke groep mensen, als u kijkt naar uw klantengroep, is geneigd te kiezen voor een vrouwelijke uitvaartondernemer?

Dat kan ik niet precies aangeven maar mogelijk kiest men bewust voor mijn onderneming niet alleen vanwege mijn vrouw – zijn maar ook omdat ik van Surinaamse afkomst ben. De meeste van mijn klanten zijn mensen uit de Surinaamse gemeenschap en andere zogenaamde allochtone groepen zoals Antillianen, Arubanen en Ghanezen.

Onderhoudt u contact met de vrouwen uit uw beroepsgroep?

Jawel, dat doe ik wel eens. Het onvoorspelbare karakter van het werk maakt het wel vaak lastig om iets af te spreken. Als we dat doen dan wordt het op de dag zelf gepland. Ik spreek dan af met de collega’s om te gaan eten of wat te drinken en om even bij te kletsen. In de zomermaanden pakken wij meestal een terrasje.

Tekst: Leny Oostwoud en redactie
Beeld 1: Anne Tjin

Geplaatst inVrouwen in traditioneel mannenberoepen