Menu Sluiten

Vrouwen in traditionele mannenberoepen

In traditionele mannenberoepen, zoals de bouwwereld en de techniek, blijken vrouwen nog steeds weinig vertegenwoordigd te zijn. Joan Ferrier, directeur van E-Quality, hét kenniscentrum voor emancipatie, gezin en diversiteit, vertelt waar die verschillen vandaan komen en wat er gedaan kan worden aan het doorbreken van de zogenaamde mannen- en vrouwenberoepen.

Wanneer spreekt men van een mannenberoep?

We spreken van een mannenberoep als meer dan tachtig procent van de werknemers uit mannen bestaat. En er is sprake van een door mannen gedomineerd beroep als dat beroep door zestig tot tachtig procent door mannen wordt beoefend. Typische mannen- en vrouwenberoepen bestaan nog steeds, zo bleek onlangs maar weer uit nieuwe cijfers van het Centraal Bureau voor de Statistiek. Het beroep van verkoopster of winkelbediende was in 2009 onder vrouwen het meest voorkomend, bij mannen stond het beroep van vrachtwagenchauffeur bovenaan.

Hoe is de historische ontwikkeling rond wat mannenberoepen en vrouwenberoepen worden genoemd in Nederland?

Beroepensegregatie, dus de scheiding tussen mannen- en vrouwenwerk, is niet statisch. Een beroep dat in eerste instantie vooral door mannen wordt uitgevoerd kan toch zo maar een vrouwenberoep worden. De functies van telegrafist en typist werden bijvoorbeeld eerst door mannen uitgevoerd maar veranderden later, toen het technische nieuwtje eraf was, in een vrouwenberoep.
Of bepaalde functies voor vrouwen toegankelijk waren, hing vroeger vooral af van het tekort aan mannelijk personeel. Of omdat vrouwen goedkoper waren. Zij ontvingen een lagere beloning. Overigens komt het nog steeds voor dat mannen en vrouwen die hetzelfde beroep uitoefenen niet hetzelfde verdienen.
Vroeger werd het boven een bepaald niveau vaak ook ongepast gevonden dat een vrouw een functie bekleedde, vooral in leidinggevende functies. Daar bestonden dan verschillende argumenten voor. Zo zou met de komst van vrouwen het beroep prestige verliezen. Of er werden vreemde fysieke argumenten aangedragen zoals ‘tal van vrouwen lijdt aan grote prikkelbaarheid, neigen tot braken, hoofd- en kiespijn, congestie, veelvuldige aandrang tot urineren etc.’.
Er is nooit overeenstemming bereikt over wat nu typisch vrouwen- of mannenwerk is. Het is in ieder geval nooit wetenschappelijk aangetoond of een beroep ook echt alleen maar door een man of een vrouw kan worden uitgevoerd. De argumenten hiervoor zijn dus vooral opvattingen.

Zijn daar verschillen in tussen zgn. allochtone en autochtone Nederlanders?

Als je kijkt naar de opleidingskeuze zie je wel een verschil tussen autochtone meisjes en meisjes uit etnische minderheden. Die laatste groep kiest wat minder traditioneel. Ze kiezen vaker voor economische studies en minder snel voor de typische vrouwensector zorg. Uit onderzoeksgegevens blijkt bijvoorbeeld dat van de autochtone meisjes op het HBO negenentwintig procent voor een economische opleiding kiest, terwijl van de niet-westerse studentes zo’n veertig procent voor zo’n opleiding gaat. De financiële sector heeft onder niet-westerse studentes vaak minder status dan de zorgsector. Bij hun keuze worden zij meer dan autochtone studentes beïnvloed door vrienden en familie, zo blijkt uit onderzoek van E-Quality. Veel van deze meiden zijn zich bij het maken van een beroeps- of studiekeuze minder bewust van de precieze inhoud van een beroep. In de praktijk valt het daardoor soms tegen.
Overigens is het in veel andere landen veel gebruikelijker dat meiden voor een technisch beroep kiezen.

Welke rol speelt de opvoeding in de cultivering van de tweedeling?

De opvoeding van meisjes speelt vaak een rol bij hun latere beroepskeuze. Het blijkt dat meisjes nog steeds worden gestimuleerd een beroep te kiezen dat in het verlengde van het verzorgende en dienstverlenende werk ligt of werk dat daarmee te combineren valt. Vaders blijken in de opvoeding vooral belangrijk te zijn voor het overdragen van ideeën over werk. Moeders zijn gemiddeld juist weer belangrijk voor de overdracht van zelfbepaling: kunnen doen wat je wilt en je eigen gang gaan. Het zou interessant zou zijn om te weten wat vaders vinden over meisjes in technische studies en vrouwen in mannenberoepen. Daarover zijn nog geen gegevens bekend. Uit een peiling in 2007 blijkt wel dat 68% van de Nederlanders vindt dat vrouwen net zo geschikt zijn voor traditionele mannenberoepen als de mannen zelf.

Waarom zouden we deze tweedeling moeten doorbreken?

Er zijn verschillende redenen waarom de ondervertegenwoordiging van vrouwen in mannenwerelden niet wenselijk is. Een daarvan is rechtvaardigheid: mannen en vrouwen hebben in onze maatschappij, in onze wereld, dezelfde rechten en mogelijkheden. Het is onrechtvaardig om het vrouwen lastiger te maken bepaalde beroepen te beoefenen door drempels op te werpen.
Een tweede argument is kwaliteitsborging. Neem de medische wetenschap. Er zijn geen verschillen tussen de wetenschappelijke kwaliteiten van mannen en vrouwen. Vrouwen hebben zelfs een beter studierendement. Als dan vervolgens meer mannen dan vrouwen worden benoemd in bijvoorbeeld universitaire functies betekent dat eigenlijk dat mensen met mindere kwaliteit worden aangesteld dan voor handen is.
Het derde argument heeft te maken met beloning: werknemers in mannensectoren verdienen vaak meer dan werknemers in vrouwensectoren. Daarom is het aantrekkelijk als meer vrouwen deel uit maken van die sectoren.
Tot slot is er ook nog een economische reden. Er zijn nu tekorten in de bèta- en technische beroepen, als meer vrouwen daarvoor kiezen zou dat helpen.

Indien het doorbreken van deze tweedeling wenselijk is, wat is er nodig om dat te bereiken?

Er zijn verschillende manieren om dat voor elkaar te krijgen. Bijvoorbeeld via het onderwijs. Zo zou er onderzoek kunnen worden gedaan naar hoe je de stereotype vakkenkeuze door jongens en meisjes kunt doorbreken. Docenten zouden zich via trainingen meer bewust kunnen worden van de seksestereotypen.
Meisjes zelf kunnen door voorlichting, maar ook met behulp van vrouwelijke rolmodellen worden gestimuleerd ook voor een exact vak te kiezen. Het onderwijs en het bedrijfsleven kunnen ook meer gaan samenwerken om meer meisjes in de techniek aan het werk te krijgen.
Bedrijven en organisaties zelf zouden bij sollicitaties evenveel vrouwelijk als mannelijke kandidaten kunnen uitnodigen. Maar het is natuurlijk ook goed als een maatschappelijk debat wordt aangezwengeld over het doorbreken van horizontale en verticale beroepssegregatie.

Tekst: Joan Ferrier en redactie
Beeld 1: Helen Fermate
Foto van Joan Ferrier: Claudia Kamergorodski


Cartoon door John Prop: uit onderzoek blijkt dat vrouwen zich goed aanpassen in mannenberoepen…

Geplaatst inVrouwen in traditioneel mannenberoepen